SAMEN OP WEG NAAR
NAAR DUURZAAMHEID

PARTICIPATIE WINDENERGIE

Noodzaak en Nut

 

In het regionale duurzaamheidsbeleid, als verwoord in de “Routekaart duurzaam Voorne-Putten 2040”, zijn o.a. windenergie door windturbines en zonneweiden opgenomen. 

 

De duurzaamheidsdoelstellingen zijn niet haalbaar zonder deze bronnen. Beide opwekkingsmethoden van duurzame energie hebben ruimtelijke invloed op de directe leefomgeving van de omwonenden. Verandering van de eigen leefomgeving roept weerstand op.


De meeste mensen zijn voorstander van duurzame energie, afhankelijk van hun situatie met meer of minder restricties. Direct omwonenden krijgen mogelijk te maken met inbreuk op het landschap, geluidhinder en mogelijk hinder door slagschaduw. Omwonenden vrezen vermindering van leefbaarheid en indirect voor daling van de verkoopwaarde van woningen.

 

Belangrijk is dat er serieus wordt omgegaan met de zorgen van omwonenden om persoonlijke en maatschappelijk ongenoegen en kosten te voorkomen.

Een volwassen democratische samenleving betrekt burgers bij veranderingen in hun leefomgeving. Het door Nederland ondertekende verdrag van Aarhus regelt dat wettelijk. Niet alleen wettelijke kaders, maar ook een fatsoenlijke omgang met elkaar, zijn belangrijk voor de leefbaarheid in de regio.


Betrokkenheid creëert draagvlak

Betere acceptatie van eventuele negatieve gevolgen is met name voor de energieopwekking met windturbines nabij de bebouwde omgeving te verkrijgen via een gedragscode voor overheden en investeerders in windturbines. Hierbij worden omwonenden planmatig betrokken bij de ontwikkeling van windenergieprojecten. Daarnaast wordt aan omwonenden de mogelijkheid geboden te participeren in het project, waardoor zij ook meedelen in de toekomstige opbrengsten.


Participatie kan de vorm hebben van:

1. Inspraak in de besluitvorming in de ontwikkeling en realisatie.

2. Voordelen voor de omgeving.

3. Financiële deelname in het project.


 

1. Inspraak in de besluitvorming in de 

  ontwikkeling en realisatie

 

Omwonenden dienen (tijdig) bij de ontwikkeling en realisatie worden betrokken en objectief te worden geïnformeerd.

Dit kan in de vorm van een klankbordgroep met een onafhankelijke voorzitter.

 

2. Voordelen voor de omgeving

Overheidsbeleid is dat de omwonenden en dat de aangrenzende landeigenaren profijt moeten hebben van windturbines. De landeigenaren worden betaald uit de opstalvergoeding en de omwonenden kunnen voor te verwachten overlast gecompenseerd worden via een Gebieds- of Parkfonds. Het fonds wordt gevuld door de windturbine exploitant op basis van vooraf gemaakte afspraken. Ook gemeenten kunnen bijdragen aan dit fonds door hun extra inkomsten uit de Onroerendzaakbelasting.

Uit een dergelijk fonds worden profijtregelingen (b.v. reductie elektriciteitsprijs) of projecten in het kader van leefbaarheid (b.v. dorpshuis, buurtwerk, speelvoorziening, recreatie), duurzaamheid (b.v. energiebesparingsinitiatieven, zonnepanelen op scholen), maatschappelijke doeleinden (b.v. voedselbank, schuldhulp) en ecologie (verbeteren van natuur en landschapskwaliteit) betaald.

Ook kan een lokale of regionale Energie Coöperatie worden ondersteund. Zie bij punt 3.

Dergelijke fondsen dienen onafhankelijk te zijn, met een breed maatschappelijk draagvlak en met duidelijke doelen. De fondsen zijn niet bestemd voor planschadevergoedingen. De omvang van de bijdrage van de turbine exploitant worden vooraf vastgesteld volgens een gedragscode of wordt onderhandeld.

 

3. Financiële deelname in een windproject

Omwonenden en inwoners kunnen financieel met of zonder zeggenschap of risico investeren en zo participeren in een windproject. In deze vorm wordt de participant als het ware mede-eigenaar. Die participatie kan door aandelen of obligaties te kopen of goedkopere elektrische energie af te nemen.

De omwonenden en inwoners kunnen lid worden van een coöperatieve vereniging die deelneemt in energieprojecten (en die daardoor geheel of gedeeltelijk eigenaar wordt) en in eigen beheer energie opwekt en verkoopt, geproduceerd in het project. Coöperatie leden kunnen participaties kopen. De participaties zijn zo geprijsd dat de deelname voor eenieder toegankelijk is. De financiële deelnemers in de coöperatie behalen een fatsoenlijk rendement op hun investering.

De winst van de coöperatie uit de energie-opbrengsten vloeien direct terug naar de inwoners van het gebied, als lid of via een gebiedsfonds.


Financiële deelname is de meest aantrekkelijke vorm van participeren. In Nederland zijn inmiddels meer dan 300 coöperatieve verenigingen die de productie van hun energie dichter bij huis in eigen beheer en decentraal regelen. De coöperatieve organisatievorm is vereist in diverse overheidsregelingen. De energie coöperaties zijn landelijk en Europees georganiseerd en steunen elkaar in deskundigheid en financiering.

Op Voorne-Putten is de Coöperatieve Vereniging Voorne-Putten Energie U.A. actief. Een vrijwilligersvereniging van- en door de inwoners met het accent op energiebesparing en energie-opwekking door zon en wind. Revenuen komen statutair toe aan de leden en aan het Gebiedsfonds in de regio Voorne-Putten.

 

4. Opmerkingen

a. In jurisprudentie wordt het begrip omwonenden toegepast op bewoners die in een straal van 1500m wonen en niet financieel participeren of medeontwikkelaar zijn of een opstalvergoeding hebben. Binnen die afstand kan onderscheid worden gemaakt in direct omwonenden en de omwonenden in het aangrenzende gebied. Bij de bepaling is maatwerk nodig omdat een vergoeding afhankelijk kan zijn van plaatselijke geografische kenmerken, zoals vrij uitzicht op de installatie en de hoogte van een eventuele turbine.

b. Het Europese Verdrag van Aarhus (in werking op 30 oktober 2001) betreft toegang tot informatie, inspraak bij besluit-vorming en toegang tot de rechter inzake milieuaangelegen-heden. 

c.  De gedragscode van de Nederlandse Wind Energie Associatie (NWEA, 20161215), die ondertekend is door diverse milieuorganisaties, geeft aan dat er een participatieplan opgesteld wordt om omwonenden in een vroeg stadium bij windprojecten te betrekken. Voor versterking van acceptatie en participatie stelt de windsector een bovenwettelijk richtbedrag beschikbaar van € 0,40 tot 0,50 euro/MWh aan.

De provincie Groningen hanteert € 1050,-/MW/jaar (beleidskader Gebiedsfonds en Participatie, 20140129). 


Terug naar de home pagina?